1 oktober 2013

Soep met griesmeelballetjes uit Schwaben


Deze balletjes, "Klößle" genoemd, zijn eigenlijk meer quenelles, maar de vorm luistert niet zo nauw. Ze zijn geschikt als soepvulling in plaats van vermicelli of andere zetmeelbronnen zoals rijst of noedels. Meestal worden ze niet gecombineerd met groente. De smaak is wat rijker door het ei en de nootmuskaat. Iets van verse groene kruiden hoort er echt bovenop, en een goede bouillon maakt natuurlijk ook groot verschil.

Het is licht verteerbaar voedsel en het kan bijvoorbeeld een optie zijn voor volwassenen met keelpijn of kleine kinderen die niet veel willen eten, of die lichte kost nodig hebben.  Als je ze bereidt met ei en volkorengriesmeel (Joannismolen) krijgen ze dan toch nog wat binnen. Menig kind gaat door een "starch-o-file" of "zetmeel-hunkerende" fase waarin alleen al die groene puntjes bieslook voor afschuwen zouden zorgen. De structuur van de Klößle is zacht, al naar gelang hoe lang je ze laat trekken.



Ook bij dit recept is er weer een wachttijd. Je roert een ei los met wat zout en nootmuskaat en roert daar een papje van met zoveel griesmeel dat je de consistentie krijgt van dikke yoghurt. Dit zet je een uur in de koelkast tot het op stevig cement lijkt. Als je deze wachttijd overslaat worden je balletjes nooit zo mooi van vorm en structuur. Wel zou je als dat beter uitkomt het papje al in de ochtend kunnen maken en overdag in de koelkast laten staan. Dan kan je 's avonds meteen met vormen beginnen. Ik heb geprobeerd om de wijze van vormen in een collage te laten zien:


Voor het vormen gebruik je een theelepel. Schrik niet als je quenelles vervolgens enorm groeien; dat is hoe het hoort! Ze verdubbelen ruim in de lengte en in de breedte, dus kwa volume worden ze zeker acht keer zo groot. Even geschat hoor, ruimtemeetkunde was mijn lievelingsvak maar ik ga nu niet zitten rekenen... Ik hoop dat het een beetje overkomt op de foto's.




Klößlessuppe

voor vier borden

Ingrediënten
1 ei
een snufje nootmuskaat
een mespunt zout
60-80 gram griesmeel of volkoren griesmeel

800 ml bouillon naar keuze
groene kruiden zoals peterselie of bieslook

Bereiding
1. Roer het ei los met de nootmuskaat en het zout. Voeg geleidelijk de griesmeel toe, niet alles in een keer. Stop als het mengsel de consistentie van dikke yoghurt heeft. Dik vloeibaar dus. Schraap de zijkanten van je kom naar beneden schoon en zet het kommetje een uur afgedekt in de koelkast.
2. Verwarm je bouillon en neem een (lange) theelepel. Houd de lepel even een paar tellen in de bouillon (tegen het plakken). Steek dan uit het kommetje met één beweging een langwerpig stukje deeg op je lepel. Houd de lepel onder water, klop zo nodig even op de bodem van de pan zodat het stukje loslaat. Herhaal dit tot de kom leeg is. Laat de pan minimaal 20 minuten op een heel laag vuurtje trekken. Eventueel kun je een quenelle doorsnijden; hij moet door en door gaar zijn, het hart mag niet meer hard en donker van kleur zijn. Ze zetten heel erg uit in formaat, ook dat is een indicatie of ze gaar zijn.
3. Serveer gegarneerd met de groene kruiden.

Uitzicht van de Birkenkopf over Stuttgart. Daar komt die soep vandaan...


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen