19 augustus 2013

Meer peulvruchten eten (en terug van vakantie)


Onze vakantie was geweldig. Op de foto zie je de Schlern, het waarmerk van de Dolomieten. Daar zijn we op geweest. Helemaal langs die steile flank. En in het dal genoten we van al die heerlijke, heerlijke spullen uit de regio. [Waarschuwing: fotorijk bericht!].


Je hoeft er niet veel aan toe te voegen om een feestmaal te bereiden...

 




Leuk servies levert veel bonuspunten op voor een vakantiehuisje! Maar goed, nu zijn we weer terug. En neemt het dagelijkse leven zijn loop. Een van de dingen die me in Italië zo vreselijk aanstonden was het schap met peulvruchten. Daar kunnen wij in Nederland echt van leren. Bij de supermarkt staat een rijtje zakjes, een plankje hoog. En verder moet je op strooptocht langs toko en Turk/Marokkaan. Nee, dan de kleine supermarkt in Meran:


Rij na rij, bonen en linzen in verschillende groottes en kleuren en types. Een van de zakjes die ik niet kon weerstaan was een mix voor soep:


Zo leuk! Je hoeft het niet meer in te weken. Een uurtje koken waarvan de laatste twintig minuten met andere groentes erbij. Heel makkelijk. En weer een uitmuntende gelegenheid om restjes uit de groentela te verwerken. Hoe meer verschillende groentes hoe lekkerder het wordt.


Dat brengt me op mijn tip van de dag. Als je meer planten en minder vlees wilt eten, hoe zorg je dan dat je toch een snelle maaltijd op tafel zet? Juist de lange kooktijd en de nog veel langere inweektijd van peulvruchten kunnen een streep door de rekening zetten. Ik kook daarom aan het begin van de week een dubbele portie (400-500 gram) peulvruchten. Ik zet ze in de week op een moment dat ik eraan denk en ik kook ze een uurtje (of korter) op een moment dat het me uitkomt. De duur van de weekperiode is echt heel flexibel. Zes uur is mooi, een etmaal is nog mooier. Als je niet aan koken toekomt zet je de kom nog een dag in de koelkast, al te lang zou ik de rauwe bonen en water niet bij kamertemperatuur laten staan.


De bonen gebruik ik vervolgens de hele week in mijn lunchsalade, soms gooi ik ze door de soep, en vaak landen ze ook een keer in de macaronischotel (link voor de saus). Ook ovenschotels of bladerdeegpakketjes zijn een goede bestemming. Ze gaan kortom altijd op, omdat ze zo makkelijk en vergevingsgezind zijn. Je kunt ze overal in kwijt. Zeker met een goede menuplanning blijf je dan niet met resten zitten. Soms vries ik ook een portie in, als ik hem niet binnen een paar dagen ga gebruiken. Handig om zo door de macaroni te gooien of als basis voor een soep.

Klaar voor de koelkast
Ik bewaar de gare boontjes in een bak en het kookvocht los in een pot, zodat ze niet te veel nagaren bij het afkoelen. Op de foto zien jullie groene Mung-bonen. Kleine boontjes doen het bij mijn kinderen beter dan de grote. Deze kook ik dan kort, zodat ze niet pappig worden als ze bij verdere verwerking nog een tijdje extra koken. Overigens ben ik me nog door het hele assortiment aan het heenkoken, ik vind steeds weer nieuwe soorten op mijn strooptochten. Vaak weet ik nog niet precies wat ik ervan ga maken, maar het komt altijd goed. Avontuur in de pan!

Dat was het. Deze keer dus geen uitgewerkt recept, alleen maar links naar eerdere recepten. Ik moet nog een beetje inkomen! En om niet te vergeten hoe mooi het was hier nog even het uitzicht van ons balkon... zucht....





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen