29 oktober 2015

Polenta met kaas en rucola; beugelpolenta


Beperkingen in de keuken zijn altijd leuk: het is een sport om oplossingen te vinden. De aanleiding voor dit gerecht was niet voor iedereen even leuk. Oudste heeft een nieuw stuk beugel in zijn mond, dus kauw-arm eten was het devies. Als het dan lukt om iets te maken dat je zelf lekkerder vindt dan je normale eten, dan weet je dat je op het goede spoor zit.

 
Thuis aten wij nooit polenta, het verhaal daarover vertel ik onder het recept. Als volwassene merkte ik dat ik polenta een heerlijke begeleider van donkere vlees- of paddestoel-sauzen vond, en ook met tomaten was het zalig. En als we weer de volgende beugelmontage krijgen waarbij mijn zoon een paar dagen zacht moet eten, dan is het ideaal. Het is heel versatiel, het past overal bij. Bovendien kun je een rest makkelijk in plakken snijden en dus op maat een kleine portie in de pan bakken als de beugelperikelen wat langer blijven duren. De laatste resten in mooi kleine blokjes gesneden zijn heerlijk als ' Suppeneinlage': in een bouillon of bijvoorbeeld een heldere groentesoep. Drie keer handig.

Polenta kan in de pan of in de oven worden bereid:
De ovenmethode is langzaam maar doodsimpel en kan een dag van te voren. Neem een liter water en 250 gram polenta, fijn of grof (' bramata), en een theelepel zout. Meng alles in een normale ovenschaal. 45 minuten bij175 graden, dan even omroeren met een klontje boter of wat goede olijfolie, en dan nog een kwartier in de oven laten staan. Uit de oven nemen en warm serveren of laten afkoelen en op andere manieren gebruiken.

Voor bereiding in de pan: voor een hongerige puber 100 gram polenta voorzichtig in 400 gram kokend water met wat zout roeren en regelmatig roerend laten doorgaren. De voorgeschreven 40 minuten haal ik nooit, ik smokkel wat met tussendoor uitzetten.

Beugelpolenta


Ingredienten
1 liter water
1 theelepel zout
250 gram polenta
150 gram geraspte kaas
150 gram rucola in stukjes
peper naar smaak

Bereiding
Bereid polenta in de oven of in de pan zoals hierboven beschreven. Maak af met geraspte kaas en wat fijngesneden rucola voor de smaak en voor het kleurtje en de textuur. Eindig met peper, en proef even voor het zout.

Toegift
Bij polenta hoort voor ons een verhaal. Een lang verhaal. Daarom, tegen mijn vaste stramien in, nog een toegift. Voor wie zin heeft om te lezen.

Om het verhaal maar meteen drastisch samen te vatten: het gezin van mijn moeder overleefde de hongerperiode 1945/1946 onder meer doordat mijn schoonvader het vanuit Canada als krijgsgevangene had klaargespeeld om een grote zak mais naar zijn gezin in Duitsland te sturen.

In de "Zacke", de tandradbaan naar Heslach
Mijn verhaal begint in 1938. Het is ongewoon lang en serieus voor mijn blog, maar het hoort nou eenmaal bij polenta. In 1938 werd mijn moeder geboren. Een tweede dochter. Twee kinderen later, een jongen en een meisje, zag de wereld er heel anders uit. Mijn opa, die alles in het werk had gezet om dat te verhinderen, was alsnog 'eingezogen'. Eerst een zandhazencursus, daarna een keer als Sanitätsoffizier naar het oostfront, en 'gelukkig' daarna naar het westfront. Tussendoor was hij soms een paar dagen thuis.

Dat geluk, dat had mijn moeder ons altijd ingepeperd. En zo was het ook. Mijn familie heeft immens veel geluk gehad. Geluk, dat hun stad van herkomst uiteindelijk in een 'west-zone' viel. Geluk, dat opa als apotheker betere kansen had om de oorlog te overleven. Geluk, dat hij juist in Canadese gevangenschap kwam. Geluk, dat de thuisblijvers de bommen overleefden. De huizen bleven niet overeind, de mensen wel. Onder het puin bleven spullen in kelders bewaard waardoor ik nu nog foto's heb. Maar het grootste geluk was natuurlijk dat zovelen het hadden overleefd.

Na de oorlog was er een hongersnood in Duitsland. De calorieën die ze eerst uit de bezette landen hadden getrokken (waarmee daar grote honger ontstonden was) legden nu juist de omgekeerde weg af. Heel Europa was vol met displaced persons. De geallieerden hadden er een hele puzzel aan om alles in goede banen te leiden en te bepalen hoeveel kilocalorieën een inwoner van het bezette gebied toekwamen. Veel waren het er niet.

Dus toen mijn opa kans zag om een grote zak mais naar zijn gezin te sturen vanuit Canada liet hij dat niet na. De voedselvoorziening was zo benard dat mais voor ontbijt, middageten en avondeten op tafel kwam. En weer, en weer, de hele winter door. En ergens daar in die honger hield voor mijn moeder het geluk op en overheerste het verdriet. Als wij in de zeventiger/tachtiger jaren bij familie polenta geserveerd kregen kon mijn moeder in wilde razernij ontsteken.  Hoe kon iemand nou het verhaal van die hongerwinter vergeten? En dat was hoe wij als kinderen leerden dat het allemaal niet zo simpel is. Dat verdriet en geluk soms hand in hand gaan. Dat het niet altijd een kwestie van wegstrepen is. Soms is het het een - en tegelijk ook het ander.
65 jaar later: een van haar kleinzoons op de Marienplatz

4 opmerkingen:

  1. Goedemorgen Sophie,

    Wat een prachtig verhaal. Via de overlevering. Onlangs las mijn Duitse lereares Sieneke Pollmann een hoofdstuk voor uit Vielleicht Esther het relaas van mensen op drift in de Tweede Wereldoorlog. Het gaat over doorvertelde verhalen. Daar moest ik ineens aan denken. Veel familiegeschiedenissen staan namelijk nooit op papier, maar alleen in het geheugen van de verteller gegrift. Mooi gedaan!

    Gereon

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Dank je Gereon, overleverde verhalen zijn inderdaad anders he. Soms twijfel ik wel, ik vond laatst de jeugdherinneringen van een oudtante en dan kan ik een aantal familieverhalen nalezen en zien dat ik ze goed onthouden heb. Ook het polentaverhaal check ik af en toe bij een familielid om te zien of ik het niet vervorm. Ik wil het wel goed vertellen, geen valse mythes.

    En gelukkig, dat is toch de crux, kunnen wij nu wel van polenta genieten.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Wat een mooi verhaal en wat een raakvlakken met de hedendaagse ontwikkelingen in het Midden Oosten.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Dank je Miss. Het toeval wil dat ik het al een tijd geleden schreef maar niet eerder in de gelegenheid was om het ook te bloggen, ik heb dus niet bewust aan de vluchtelingen van nu gedacht bij het schrijven.
    Maar andersom denk ik bij de vluchtelingen wel degelijk aan de familieverhalen inderdaad. Wat zou je toch wensen dat er niet meer kinderen bijkomen die zo'n jeugd hebben.

    BeantwoordenVerwijderen